De flitspaal en de middelvinger van het platteland

Goedenavond, welkom op onze website!

„We hoorden een harde knal.”

Dat is tegenwoordig blijkbaar de manier waarop je in Hollandscheveld kennismaakt met een nieuwe flitspaal.

Donderdag geplaatst, zaterdag aan stukken. Nog geen tijd gehad om fatsoenlijk in de grond te zakken of het apparaat lag al als een soort moderne kunstinstallatie langs de Riegshoogtendijk.

Een explosief, zo lijkt het.

Nou keur ik het vernielen van andermans eigendom natuurlijk niet goed. Een flitspaal opblazen is geen oplossing. Maar misschien moeten we onszelf eens een andere vraag stellen dan alleen: wie heeft dit gedaan?

Namelijk: waar komt die woede vandaan?

Want volgens het Openbaar Ministerie worden dergelijke palen geplaatst op plekken waar de verkeersveiligheid daarom vraagt. Prima. Daar kan niemand redelijkerwijs bezwaar tegen hebben. Als ergens structureel veel te hard wordt gereden en er gebeuren ongelukken, dan moet je handhaven.

Maar er is in de loop der jaren wel iets veranderd in de beleving van de automobilist.

Vroeger stond een flitspaal in het hoofd van veel mensen ongeveer gelijk aan: hier is iets aan de hand.

Een gevaarlijke kruising. Een beruchte weg. Een zogenaamde blackspot. Een plek waar daadwerkelijk ongelukken gebeurden.

Tegenwoordig ontstaat steeds vaker het gevoel dat de vraag anders wordt gesteld:

Waar kunnen we de meeste overtredingen constateren?

Of dat gevoel volledig terecht is, is een tweede. Het officiële verhaal blijft verkeersveiligheid. Maar politiek en overheid zouden zich moeten realiseren dat vertrouwen niet ontstaat door iedere keer te zeggen dat iets „voor de veiligheid” gebeurt. Vertrouwen ontstaat wanneer mensen het ook daadwerkelijk geloven.

En daar wringt het op het platteland.

Want wie in Hollandscheveld woont, ziet niet alleen een flitspaal. Die ziet ook een overheid die zich steeds nadrukkelijker bemoeit met het dagelijks leven. Regels voor boeren, regels voor stikstof, regels voor natuur, regels voor landbouwgrond, regels voor verkeer, regels voor bouwen en vervolgens ook nog een apparaat langs de weg dat precies registreert of je toevallig een paar kilometer te hard rijdt.

Voor veel mensen voelt het als de zoveelste controleur langs de kant van de weg.

En dan komt de rekening.

Niet alleen voor de automobilist die een bekeuring krijgt, maar uiteindelijk ook voor de samenleving. Want een vernielde flitspaal moet worden weggehaald, onderzocht, gerepareerd of vervangen. Het OM doet aangifte. De politie gaat ermee aan de slag.

En uiteindelijk betalen we dat allemaal.

De ironie is bijna perfect.

De overheid plaatst een paal om overtredingen te constateren.

Iemand blaast die paal op.

De overheid constateert vervolgens een overtreding.

En de belastingbetaler mag de rekening betalen.

Nederland anno 2026.

Maar laten we vooral niet doen alsof iedere automobilist die kritiek heeft op flitspalen een potentiële terrorist is. Er zit een wereld van verschil tussen burgerlijke ongehoorzaamheid, frustratie en criminele vernieling.

Wie een flitspaal opblaast, gaat een grens over.

Maar wie zich afvraagt waarom er steeds meer gecontroleerd, geregistreerd en beboet wordt, stelt een volkomen legitieme vraag.

Misschien moeten overheid en politie daarom niet alleen kijken naar de kapotte paal.

Misschien moeten ze ook eens kijken naar het groeiende gevoel daarachter.

Want wanneer burgers het idee krijgen dat de overheid vooral nog bestaat uit regels, controles, beperkingen en boetes, ontstaat er iets gevaarlijks.

Niet omdat iedereen dan ineens met explosieven langs de weg gaat staan.

Maar omdat mensen langzaam maar zeker denken:

„Ze zoeken het maar uit.”

En dát is uiteindelijk een veel groter probleem voor een overheid dan één vernielde flitspaal.

Een paal kun je vervangen.

Vertrouwen niet.


Ontdek meer van Jan Veenstra

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Geef een reactie

×
Uit het archief van Jan Veenstra
België heeft eindelijk de jackpot gevonden
Goedenavond, welkom op onze website! Jarenlang maakten Nederlanders dezelfde grap. Je hoefde geen grensbord te zien om te weten dat je België binnenreed. Dat voelde je vanzelf. De schokdempers begonnen spontaan te huilen en de navigatie vroeg zich af of je soms een landbouwweg was ingeslagen. Maar wie nu nog denkt dat de Belgen niet …
Lees verder →

Ontdek meer van Jan Veenstra

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder