Rensenpark: is dit de opmaat naar het verdwijnen van een historisch stukje Emmen?

Goedenavond, welkom op onze website!

Eerst de discussie over parkeren en woningen, vervolgens een kritisch rapport van de Rekenkamer. Moeten we ons inmiddels afvragen of er achter de schermen wordt toegewerkt naar het verdwijnen van het Rensenpark zoals we dat nu kennen?

Het is een vraag die misschien ongemakkelijk is, maar die wel gesteld mag worden.

De Rekenkamer Emmen heeft stevige kritiek op de afgelopen tien jaar. De ambities waren te hoog, het geld was onvoldoende, het personeel ontbrak en de gemeenteraad hield te weinig toezicht. Dat is nogal wat. Tien jaar lang werd er gesproken over de ontwikkeling van een levendig stadspark, maar de resultaten bleven achter bij de verwachtingen.

En wat is nu de oplossing? Opnieuw plannen maken, nieuwe ambities formuleren en het park verder ontwikkelen.

Maar laten we eerst eens kijken hoe het zover heeft kunnen komen. De gemeente betaalde 65,5 miljoen euro voor het terrein. Vervolgens werd in 2019 ook nog eens 15 miljoen euro, dat bedoeld was voor de inrichting van de openbare ruimte, aan andere zaken besteed. Ondertussen bleef het noodzakelijke onderhoud achterwege en liepen de kosten voor herstel op.

Dat zijn geen natuurverschijnselen. Dat zijn politieke keuzes.

En nu zitten we met de gevolgen.

Wat mij vooral zorgen baart, is de manier waarop de discussie over de toekomst van het Rensenpark zich ontwikkelt. Eerst is er de discussie over parkeren en woningen. Vervolgens wordt gewezen op de tegenvallende resultaten en de noodzaak om het park verder te ontwikkelen. Langzaam maar zeker ontstaat het beeld dat het Rensenpark in zijn huidige vorm niet meer voldoet en dat verandering onvermijdelijk is.

Is dat werkelijk de bedoeling, of zien we spoken waar ze niet zijn? Ik beweer niet dat er een vooropgezet plan ligt om het park te laten verdwijnen. Maar de opeenvolging van discussies roept wel vragen op die het gemeentebestuur niet zomaar naast zich neer kan leggen.

Ergens in het gemeentehuis lijkt men in ieder geval één belangrijke marketingregel te hebben begrepen: als er geen behoefte bestaat, dan creëren we die toch gewoon zelf?

Of, om het wat scherper te formuleren: als er geen draagvlak is, dan zorgen we ervoor dat het er komt.

Je begint met het benoemen van problemen, benadrukt wat er allemaal niet goed gaat en presenteert vervolgens een nieuwe koers als de enige realistische oplossing. En voor je het weet, wordt iets wat aanvankelijk helemaal niet gewenst was, verkocht als noodzakelijk voor de toekomst van de stad.

Dat is een bijzonder sympathieke manier om bewoners iets door de strot te duwen.

Want laten we niet vergeten wat het Rensenpark is. Het is niet zomaar een stuk grond midden in Emmen dat nog een economische bestemming moet krijgen. Het is een historisch stukje stad, een plek met herinneringen aan de voormalige dierentuin, met culturele initiatieven, organisaties en evenementen. Een plek die juist door zijn bijzondere karakter iets toevoegt aan het centrum.

Natuurlijk mag een park zich ontwikkelen. Natuurlijk moet er geld zijn voor onderhoud en moet je realistisch omgaan met de beschikbare middelen. Maar ontwikkeling is iets anders dan het langzaam uithollen van het oorspronkelijke idee, om vervolgens te concluderen dat een andere bestemming misschien toch verstandiger is.

De Rekenkamer heeft kritiek op het gevoerde beleid, maar dat rapport mag geen vrijbrief worden om de oorspronkelijke bedoeling van het Rensenpark los te laten. Integendeel. Het zou juist aanleiding moeten zijn om de gemaakte fouten te herstellen en eindelijk duidelijke keuzes te maken.

Daarbij hoort ook een eerlijke vraag aan het gemeentebestuur: willen we het Rensenpark behouden als stadspark met ruimte voor cultuur, ontmoeting en groen, of zien we het uiteindelijk toch vooral als een terrein met mogelijkheden voor andere bestemmingen?

En als het antwoord het eerste is, waarom krijgen de inwoners dan niet glashelder te horen welke garanties daarvoor gelden?

Ik wil geen beschuldigingen uiten zonder bewijs. Maar ik wil evenmin achteraf moeten constateren dat de inwoners van Emmen stap voor stap zijn voorbereid op een besluit waarover nooit een open en eerlijk debat is gevoerd.

Daarom is het tijd voor duidelijkheid. Geen nieuwe mooie woorden, geen ambities die financieel niet haalbaar blijken en geen plannen die pas achteraf aan de gemeenteraad worden voorgelegd.

Het Rensenpark verdient meer dan tien jaar bestuurlijk gestuntel. En Emmen verdient een gemeentebestuur dat niet eerst draagvlak probeert te creëren voor een oplossing, maar begint met luisteren naar wat de inwoners daadwerkelijk willen.

Want een historisch stukje Emmen verlies je misschien maar één keer. Maar als het eenmaal verdwenen is, krijg je het nooit meer terug.


Ontdek meer van Jan Veenstra

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Geef een reactie

×
Uit het archief van Jan Veenstra
Podcast Episode: Regio, Werk En Bestuur
Goedenavond, welkom op onze website!
Lees verder →

Ontdek meer van Jan Veenstra

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder