Een officiële titel, maar hoeveel macht?

Goedemorgen, welkom op onze website!

De gemeente Emmen heeft iets nieuws bedacht: de natuurerfgoedbeheerder. Organisaties en personen die zich bezighouden met natuur, landschap en cultuurhistorie kunnen straks officieel door de gemeente worden erkend. Het klinkt mooi. Wie zich inzet voor het natuurerfgoed krijgt eindelijk de waardering die hij verdient.

Maar hoe meer je over het voorstel nadenkt, hoe interessanter de vraag wordt: wat heb je eigenlijk aan die officiële status als de gemeente vervolgens gewoon haar eigen gang kan gaan?

Want stel dat een erkende natuurerfgoedbeheerder jarenlang een gebied beheert. Hij kent iedere boom, iedere sloot, ieder stukje landschap en weet welke historische en ecologische waarden er aanwezig zijn. Vervolgens komt de gemeente met een plan om dat gebied anders in te richten. Woningen, wegen, bedrijven of een andere ontwikkeling. De beheerder bestudeert de plannen en zegt: nee, hiermee wordt het natuurerfgoed aangetast.

En dan?

Kan hij dan zeggen: “Ho, dit gaat niet door”?

Voor zover uit het voorstel blijkt: nee.

De erkenning lijkt geen vetorecht te geven. De gemeente blijft uiteindelijk zelf verantwoordelijk voor haar ruimtelijke besluiten. Een advies van een beheerder kan belangrijk zijn, maar een advies is nog geen besluit.

En daar begint het interessant te worden.

Want waarom geef je iemand een officiële gemeentelijke status als zijn deskundige oordeel vervolgens zonder al te veel moeite terzijde kan worden geschoven?

Natuurlijk moet de gemeente naar zo’n advies kunnen kijken. Besturen betekent nu eenmaal belangen afwegen. Maar dan zou je minimaal mogen verwachten dat een negatief advies van een officieel erkende natuurerfgoedbeheerder niet ergens onder in een gemeentelijke la verdwijnt.

Als de gemeente het advies niet volgt, zou zij wat mij betreft verplicht moeten zijn om duidelijk en openbaar uit te leggen waarom.

Dat is geen detail. Dat is de kern van geloofwaardige natuurbescherming.

De gemeenteraad bespreekt de nieuwe verordening op 24 september. Tijdens de commissievergadering waren er al vragen over de meerwaarde, bureaucratie, juridische gevolgen en de relatie met het Omgevingsplan. De wethouder kwam uiteindelijk met een opmerkelijk argument: de formele erkenning kan organisaties helpen bij het aanvragen van landelijke en Europese subsidies.

Daarmee wordt het verhaal opeens een stuk duidelijker.

Misschien gaat deze verordening minder over extra bescherming van de natuur dan over het creëren van een juridische status waarmee organisaties gemakkelijker toegang krijgen tot andere subsidieverstrekkers.

Daar is op zichzelf niets mis mee. Als een kleine lokale organisatie dankzij zo’n erkenning een Europese subsidie kan binnenhalen om een waardevol stuk landschap te behouden, prachtig.

Maar zeg dat dan gewoon.

Want anders ontstaat er een merkwaardige situatie. De gemeente geeft een organisatie een officiële erkenning, stelt eisen aan deskundigheid, beheerplannen, financiële mogelijkheden en organisatie, houdt een openbaar register bij en wil toezicht en evaluaties. Allemaal heel officieel.

Maar wanneer diezelfde beheerder vervolgens zegt: “Deze ontwikkeling tast het gebied aan”, kan de gemeente alsnog zeggen: “Wij hebben uw advies gehoord, maar wij gaan toch verder.”

Dan krijg je de Nederlandse bestuurlijke variant van een gouden medaille zonder bijbehorende bevoegdheid.

Een mooie titel, een keurige verordening, een register en waarschijnlijk een hoop papierwerk.

Maar hoeveel invloed heeft die beheerder dan werkelijk?

Dat is precies wat de gemeenteraad vóór 24 september zou moeten vastleggen.

Is een advies van een erkende natuurerfgoedbeheerder slechts een advies? Of krijgt zo’n advies daadwerkelijk juridische betekenis?

En als het slechts een advies is, moet de gemeente dan verplicht motiveren waarom zij ervan afwijkt?

Dat lijkt mij geen moeilijke vraag.

Sterker nog: als Emmen serieus is met natuurerfgoed, zou het antwoord glashelder moeten zijn.

Want natuurerfgoed is niet iets wat je beschermt door er alleen een mooi woord en een verordening aan te hangen.

Het wordt beschermd wanneer deskundigheid daadwerkelijk invloed krijgt op besluiten.

Anders hebben we straks misschien tientallen officieel erkende natuurerfgoedbeheerders.

Met beheerplannen.

Met registers.

Met toezicht.

Met evaluaties.

Met subsidieaanvragen.

En met heel veel papier.

Maar zodra er een bulldozer komt, staat uiteindelijk misschien niemand in de weg.

Dan is de natuurerfgoedbeheerder wel officieel erkend, maar het natuurerfgoed zelf nog steeds vogelvrij.


Ontdek meer van Jan Veenstra

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Geef een reactie

×
Uit het archief van Jan Veenstra
De internationale rekening: voor een paar euro koop je zelfs een wereldprobleem erbij
Goedemorgen, welkom op onze website! Wat een geluk dat de Nederlandse burger zo ruimhartig is. Terwijl hij thuis rekent of de boodschappen nog in het maandbudget passen, zorgt de overheid ervoor dat er wereldwijd geen organisatie zonder Nederlandse bijdrage hoeft te zitten. Een geruststellende gedachte: als ergens op de wereld een vergadertafel, koffieautomaat en stapel …
Lees verder →

Ontdek meer van Jan Veenstra

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder